Bijzondere vakken
Er is een veelheid aan vakken die gegeven worden waarmee enerzijds de kunstzinnigheid ontwikkeld wordt en anderzijds (ambachtelijke) vaardigheden. Een aantal vakken kan vallen onder het hoofdstuk “techniek”, andere vakken onder de noemer “kunst- en cultuur educatie”.
Vreemde talen
Vanaf de eerste klas worden er twee vreemde talen onderwezen, Engels en Duits. Er kan gekozen worden om te starten met één taal en de tweede taal in de loop van het jaar toe te voegen. De taal wordt geleerd door: spreken van teksten, gedichtjes, liedjes, spelletjes en het gezamenlijk bespreken van diverse onderwerpen. Vanaf de vierde klas komt ook het schrijven aan de orde en het lezen van teksten in de vreemde taal. Wij stimuleren op deze wijze het taalgevoel van de kinderen. De Esch heeft een vakleerkracht Duits.
Schilderen
Vanaf de kleuterklas wordt er wekelijks geschilderd waarbij aquareltechniek wordt gebruikt, waterverf op nat papier. Het schilderen met kleur op zich wordt geoefend. Ook het beleven van de kleur kan bij een opdracht centraal staan. Het schilderen is ook een middel ter verwerking van les- en vertelstof, dit is met name in de onderbouwklassen het geval.
Vormtekenen
Het vormtekenen begint in de eerste klas met het oefenen van de basis van alle vormen: rechte en kromme lijnen. Daarbij dient het vormtekenen ook het leren schrijven. In de loop der jaren groeit dit tekenen uit tot het maken van ingewikkelde vormen en motieven bijvoorbeeld vlechtvormen. In de zesde klas worden meetkundige tekeningen gemaakt.
Handwerken
Vanaf de eerste klas wordt het vak handwerken gegeven. In de loop van de schooltijd leren de kinderen diverse technieken: breien, borduren, haken, weven, vilten, poppen maken, kledingstukken maken. Er wordt gewerkt met mooie en kleurrijke materialen. De werkstukken die gemaakt worden hebben meestal een praktisch en nuttige toepassing.
Handvaardigheid <bold>
De school beschikt over een apart lokaal voor handvaardigheid. Houtbewerking is het centrale thema voor dit vak dat in de vijfde en zesde klas onderwezen wordt. Er is een grote hoeveelheid gereedschappen ter beschikking die de kinderen op de juiste wijze leren hanteren.
Boetseren, aanvankelijk met bijenwas en later met klei, gebeurt in alle klassen. In de hogere klassen kan boetseren opgenomen zijn in het periodeonderwijs.
Euritmie
Beweging is eigen aan het kind. Kinderen willen bewegen, moeten bewegen, zijn een en al beweging. Op onze school wordt daar op verschillende manieren aan tegemoet gekomen. Naast de beweging in de klas zijn er de vakken gymnastiek en euritmie.
Bij de euritmie gaat het met name om de ontwikkeling van de drie zielenkwaliteiten; het denken, voelen en willen. In dit opzicht is er een zekere verwantschap met de dans. In de euritmie gaat het echter niet zozeer om het uitdrukken van gevoelens, maar om met gebaren zichtbaar te maken wat er klinkt in het gesproken woord en in de muziek. In de woordeuritmie maken de kinderen de klinkers en medeklinkers en de betekenis van het woord zichtbaar. In de tooneuritmie maakt men de muziek zichtbaar door toonsoort, intervallen, maat, melodie en ritme in bewegingen uit te drukken. Euritmie is een vak voor alle groepen in onze school.
Euritmie maakt leerlingen gezonder en sterker en is een ondersteuning voor alle andere vakken. In dit vak speelt het sociale een belangrijke rol. De vele vormen van beweging kunnen pas dan ontstaan als een klas als geheel samen werkt. Euritmie is een bewegingskunst die niet aan leeftijd gebonden is. Er is euritmie voor heel kleine kinderen en voor oudere mensen en iedere leeftijdsgroep daartussen. Het spreekt vanzelf dat de manier waarop euritmie beoefend wordt, afgestemd wordt op de betreffende leeftijdsgroep.